Wat leert een kind dat de wereld bekijkt? Het onderscheid. Hier eindigt de vloer en daar begint de tafel. Het schilderij hangt aan de muur en een postuurke kan van de kast vallen. Bomen zitten aan de grond vast en vogels vliegen in de lucht. Vrouwen dragen rokken en mannen verdienen de kost. Het waarom blijft een open vraag.
Onze kleine Jan is een jongetje en hij weet dat een jongetje beter is dan een meisje, want meisjes mogen minder. Meisjes moeten steeds netjes blijven en ze mogen niet schreeuwen noch ruwe spelletjes spelen. Sommige meisjes vinden deze beperkingen niet leuk, merkt Jan op en hun lot bedroeft hem. Waarom bestaan deze regels voor meisjes en wat is het onderscheid eigenlijk tussen jongens en meisjes? Meisjes hebben weliswaar lange haren en een mooi gezichtje. Maar er bestaan ook lelijke meisjes en meisjes met korte haren en sommige jongens hebben mooie gezichtjes en lange haren. Allemaal erg verwarrend en wat ook gek klinkt: een kleine jongen is een jongetje, maar hoe noem je een klein meisje? Zijn meisjes misschien altijd klein? Peuter Jan wil er het fijne van weten en gaat te rade bij zijn moeder, een vrouw.
“Meisjes hebben geen piemeltje”, luidt haar definitief antwoord en daar schrikt onze peuter eventjes van.
“Meisjes hebben slechts een gaatje om te plassen”, vervolgt de vrouw, “daarom blijven meisjes altijd braaf”.
Meer uitleg behoeft Jan voorlopig niet, hij begrijpt maar al te goed waar zijn moeder op doelt. Een plassetje is leuk kinderspeelgoed maar van dergelijk speeltuig zijn volwassen niet gediend. Zoude men ook dit speelgoed op een kwade dag van hem afpakken en in de vuilbak gooien? De kleuter mag er niet aan denken.
Toch dwalen die avond in bed zijn gedachten rond deze zaken. Arme meisjes, beperkt in spel en plezier, hoe kwaadaardig kan het leven niet zijn. Tenzij, tenzij moeder de waarheid niet kent of deze opzettelijk voor hem verzwijgt. Het zou de eerste keer niet zijn dat men de knaap probeert te misleiden, om eigen bestwil, zoals men beweert. Jantje weet dat grote mensen kinderen krijgen maar ze niet zelf ontwerpen. De ontwerper noemt men God of de natuur, volgens de gezindheid van volwassenen. Daarom denkt de kleuter na over God/natuur en het ontwerpen van mensen. Het zou toch uiterst onrechtvaardig en wreed zijn om de ene soort van leuke lichaamsdelen te voorzien en een andere soort al dat moois te onthouden. In zijn grenzeloze naïviteit besluit de kleuter dat ook meisjes over ‘iets leuks’ moeten beschikken. Er is meer aan een meisje dan een gaatje. Voldaan en tevreden valt onze knaap in slaap.
De volgende morgen maakt hij zijn overpeinzingen kenbaar aan zijn arme moeder. Vader is reeds uit werken en wanhopig probeert de ongelukkig vrouw haar zoontje tot andere gedachten te brengen. Doch hoe meer de moeder raast over zuiverheid van meisjes en duivelse gedachten van stoute jongetjes, hoe meer de peuter zijn gelijk bevestigd weet. Een pak rammel maakt nog maar weinig indruk in deze eindeloze dagen van opvoeding en verbetering. Het onderscheid is geschied.
KARMA
7 jaar geleden

1 opmerking:
This is very weird, I read you and noticed I never had the chance to get interested in such questions because my mother was telling me about these differences before I had the chance to really want to explore them. I guess this knowledge ended up to be not interesting after she has finished her explenations, as much as it did before. I was too busy being deadly depressed already then, my curiousity never developed.
Een reactie posten